Marguerite de Geus










About

Marguerite de Geus (NL, 1984) Ik ben opgegroeid met een grootvader die dominee was, toch voelde ik mijzelf nooit echt aangetrokken tot het Christendom. Een bepaald verlangen naar een hoger, groter zelf en het mysterie van het lijden van de mens herken ik wel. De kwetsbaarheid van de mens die hier op aarde komt en eigenlijk geen idee heeft hoe het leven te leven. Mijn schilderijen laten die kwetsbaarheid en dat onvermogen zien. De schoonheid van die imperfectie, dat gevecht met het leven boeit mij, omdat die in ons allen leeft. En ons tevens aanzet om te zoeken naar iets hogers, een doel, een verlichting. In het Christendom vond ik die verlichting niet, maar in het Boeddhisme wel. Zo waren mijn schilderijen in het begin vooral gevuld met zwart, nu beginnen ze steeds meer gevuld te raken met een verbeeldingswereld die voortkomt uit mijn fascinatie voor spiritualiteit,esoterie en mystiek.

Kort nadat ik was afgestudeerd van de academie ontstond mijn fascinatie voor 17e eeuwse schilderkunst, de donkere portretten die mij vooral deden nadenken over de luxe waarin deze mensen enerzijds hebben geleefd en de verschrikkelijke manier waarop deze luxe verkregen was anderzijds. Zoals Francis Bacon keek naar het werk van Velasquez en daar een diepere laag van gruwelijkheid in zag. Dit had ik ook bij deze portretten. Voor mij was het ook interessant dat deze schilderijen een bepaalde mate van macht en grootsheid uitstraalden. Dit bracht me terug bij het verlangen naar het grotere zelf. Het voelde verleidelijk maar hoe bereik je die? Door veel mooie, dure kleding te dragen, een mooi huis en een hoge positie te bekleden, macht te hebben over andere mensen? De Gouden Eeuw was het begin van het kapitalisme zoals we dat nu kennen, de tijd waarin bijvoorbeeld het eerste aandeel werd gekocht. Toen al werd gedacht dat een onbeperkte groei aan spullen je gelukkig kon maken. En een begin van de uitbuiting van vele andere volken waarbij we het idee heerste dat we deze mensen konden beroven van hun goederen en vaak nog veel meer. Dit is de grondvest waar onze maatschappij op gebouwd is.

Nu ik een aantal jaar verder ben, speelt de thematiek die ik zojuist beschreven heb nog steeds een rol. Het contrast opzoeken van de westerse beeldtaal en kunstgeschiedenis met dat van wat wij primietieve en mystieke volken vind ik interessant. Het naast elkaar zetten van de pracht en praal die alleen het wereldse oog kan bekoren of de pracht en praal die een hoger doel dient, zoals bijvoorbeeld in tempels of kerken te zien is.